Nieuwsberichten

Rangschikken op

Eindrapport maatschappelijk debat over de eindtermen

De Commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement stelde op de persconferentie van 4 oktober 2016 het eindrapport over het maatschappelijk debat over de eindtermen voor. Brede betrokkenheid Tijdens het voorjaar 2016 werd er in Vlaanderen een breed publiek debat opgezet over de inhouden die het onderwijs van de toekomst moet bevatten. Om dit debat vorm te geven, vertrouwde de Vlaamse overheid deze opdracht toe aan de onderzoeksbureaus Levuur, Tree Company en Indiville. Omdat het onderwijs van de toekomst letterlijk iedereen aanbelangt, lag de nadruk op de participatie van zoveel mogelijk betrokkenen. Zo werd het internetplatform "OnsOnderwijs" opgezet, waren er talrijke scholierendebatten in scholen, verzamelde men de standpunten van de middenveldorganisaties en organiseerden de uitvoerders naast de 5 provinciale Nachten van het Onderwijs tot slot het Onderwijsfestival in het Vlaams Parlement. Duizenden mensen hebben daardoor op de een of andere manier bijgedragen tot dit debat. Eindrapport OnsOnderwijs.be - van IeRensbelang De onderzoeksbureaus bundelden inmiddels de bevindingen en conclusies van al deze initiatieven in het eindrapport 'OnsOnderwijs.be - Van Lerensbelang. Participatief publiek debat over de eindtermen'. 'Het rapport wil', aldus de samenstellers, 'de kracht en de waarde van het materiaal dat uit het publieke debat is voortgekomen, ten volle tot zijn recht laten komen en in zijn breedte tonen zonder het te interpreteren of te selecteren'. De onderzoeksbureaus zullen dit rapport samen met de Commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement op de persconferentie voorstellen. Het vervolg Het eindrapport wordt ook overgemaakt aan de Commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement. Daar zal finaal het politieke debat moeten plaatsvinden over de ideeën en bevindingen die uit het maatschappelijk debat zijn voortgekomen. U kan het rapport hier downloaden. Kathleen Helsen Commissievoorzitter Commissie voor Onderwijs

Wat 17.000 leerlingen in de eindtermen willen

We konden er afgelopen maanden niet omheen: het groot maatschappelijk debat rond de eindtermen. 17.000 leerlingen gingen op verschillende manieren aan de slag rond het thema. De Vlaamse Scholierenkoepel (VSK) bundelde alle meningen in een Scholierenrapport onder 6 thema's. De 10, de jonge debatstarters die het eindtermendebat maandenlang van op de eerste rij volgden, stelden het rapport eind augustus 2016 voor. Het moest zeker anders, daar was elke leerling die we hoorden van overtuigd. De eindtermen zijn verouderd en niet mee geëvolueerd met onze veranderende wereld. Maar het Scholierenrapport is geen evaluatie van de huidige leerstof, wel een verslag van wat scholieren momenteel missen op school. Het uitgangspunt van ieder gesprek, iedere discussie en ieder debat was dat ook ‘wat moet élke leerling kennen en kunnen als ze afstuderen in het middelbaar?’. Scholieren uit bijna 70 scholen, 17.000 in totaal, gaven hun visie op de eindtermen van de toekomst. Dat zijn veel verschillende meningen, maar verbazingwekkend genoeg was het niet zo moeilijk om lijnen te vinden in alle antwoorden. We kwamen tot 6 thema’s (zie verder) die de visie van scholieren goed samenvatten. ‘We rekenen erop dat niet alleen de beleidsmakers, maar maar ook leerkrachten, directies of ander onderwijsvolk, aandachtig luisteren naar de mening en kijk van de Vlaamse scholieren', klinkt het bij De 10. Zij zullen dan ook na de lancering van het rapport aan de mouw van de politici blijven trekken. Zes thema's We nemen jullie in vogelvlucht door de 6 thema’s waaronder we alle antwoorden konden bundelen. In het volledige rapport gaan we dieper in detail op elk thema en en formuleren we ook nog een aantal voorwaarden waaraan sterke eindtermen moeten voldoen. Gezond en wel Het belang van een gezond lichaam ondervinden leerlingen het liefst letterlijk en figuurlijk ‘aan den lijve’. Gezondheid kan dus niet zomaar een afgebakend, af te vinken puntje in het leerplan zijn. Werken aan dit thema laat zich ook niet begrenzen door de muren van het klaslokaal. Het moet terug te vinden zijn in de hele schoolcultuur. Mentaal in evenwicht Een burn-out wordt in deze tijd bijna iets alledaags. Jongeren zien de oudere generaties bezwijken onder de werkdruk en merken dat zelfs klasgenoten soms een tijdje uitvallen omdat het hen te veel wordt. De stress en de prestatiedruk bij het vele schoolwerk en talrijke evaluatiemomenten vallen niet te onderschatten. Stress die bovendien niet stopt aan de schoolpoort, maar de leerlingen via digitale leerplatformen als Smartschool ook achtervolgt naar huis. De schrik om te falen zit diep. Jongeren zien dan ook een taak weggelegd voor hun leerkrachten en het onderwijs in het algemeen om hen op dat vlak de nodige ondersteuning te bieden. Eigen kracht ‘Talent’ is een woord dat vaak gebruikt wordt in de onderwijswereld, maar in de praktijk krijgen scholieren te weinig de kans om hun eigen sterktes te ontdekken. Schoolslogans als ‘Wees wie je bent’, ‘Elk talent telt’ of ‘Doorbreek je grenzen’ zijn inhoudloos als ze enkel op papier bestaan. In de realiteit worden leerlingen vaak in dezelfde vaste mal geduwd, waardoor ze te weinig succeservaringen beleven. Regelmatig het gevoel ervaren dat iets lukt, is nochtans een prima motivator. Zo blijven scholieren zin hebben om te groeien, bij te leren en zichzelf te verbeteren. Klaar voor het leven na het middelbaar De duidelijke boodschap die we overal hebben gehoord is dat scholieren op eigen benen willen kunnen staan. Veel ondervraagde leerlingen geven aan dat ze bepaalde basisvaardigheden om te overleven missen. Ze weten perfect hoe warm het soms kan worden in de tropen, maar niet op welke temperatuur je de was moet doen. Ze kunnen vierkantswortels trekken, maar geen worteltjes koken. Ze vullen blindelings een matrix in, maar weten niet hoe te beginnen aan een belastingsbrief. Echt klaargestoomd voor de toekomst voel je je op die manier niet wanneer je je diploma in de hand hebt. ‘Waarom is dit nuttig?’ is een eenvoudige vraag die bij het opstellen van de eindtermen altijd in het achterhoofd gehouden moet worden. Verbonden met elkaar Op een school komen leerlingen met verschillende karakters, leeftijden, gender, achtergronden en interesses bij elkaar. Een kleine versie van de diverse samenleving als het ware, en op die manier een ideaal laboratorium om te leren omgaan met verschillen. Maar tegelijkertijd krijg je ook een broeihaard van hormonen, kriebels en gevoelens als je een bende tieners bij elkaar zet. Scholieren vragen daarom ook speciale aandacht voor romantische relaties en alles wat daarbij komt kijken. Met beide voeten in de wereld Leerlingen zijn niet enkel op zoek naar zichzelf in relatie met anderen, maar ook in relatie met de hele wereld. ‘Waarom denk ik zo en mijn buurman anders?’ ‘Hoe passen mijn eigen acties binnen grote actuele thema’s?’ ‘Hoe word ik een goed geïnformeerde wereldburger?’ Jongeren willen kritisch kunnen denken en beslissen en vragen daarvoor hulp aan het onderwijs. Het volledige rapport vind je hier: https://issuu.com/vlaamsescholierenkoepel/docs/scholierenrapport_eindtermen_van_le/1

Halen onze eindtermen zelf hun 'eindtermen'?

Vandaag werd het onderzoek naar de werking van de eindtermen van Maarten Simons en Geert Kelchtermans vrijgegeven en besproken in het Vlaams Parlement.De minister heeft daarover ook een persbericht verspreid.Geïnteresseerden vinden ook het onderzoeksrapport zelf online.

Weg met nutteloze leerstof

'Weg met nutteloze leerstof' zegt Ergys Brocaj in zijn opiniestuk. Ergys Brocaj is 17 jaar en studeert Humane wetenchappen- Talen aan het KA Voskenslaan in Gent. Tevens ben ik ook lid van ‘De10’ van de Vlaamse scholieren koepel. Wij zijn de jongeren ambassadeurs in het maatschappelijk debat rond de eindtermen. Zo vertegenwoordigen wij de stem van jongeren hierin en gaan wij ervoor zorgen dat de mening van jongeren in de nieuwe eindtermen komt. Waarom dit opiniestuk ? Ik heb een opiniestuk geschreven over het vaak overbodige leerstof die leerlingen op school moeten verwerken. Doordat ik merk dat het nog altijd leeft bij leerlingen. De leerlingen die dit reeds al hebben gelezen waren hier wel enthousiast over en konden zich hierin vinden. Weg met nutteloze leerstof ! “Mevrouw, waarom moeten we dat leren? Ik ga dat later nooit gebruiken”. Het is een vraag die ik in mijn klas al vaak gehoord heb. En terecht, want wat ben je met kennis die je nooit zal kunnen toepassen in de maatschappij? Ik wil dingen leren die al vanaf morgen voor mij nuttig zijn. Leerlingen vragen zich vaak af waarom leerstof soms zo overbodig en onbruikbaar lijkt. Zelfs mijn eigen leerkrachten geven toe dat pagina’s leerstof van buiten leren niet nuttig is. Waarom tijd en moeite steken in iets dat je later nooit zal gebruiken? Ik pleit niet enkel voor leerstof die we in de toekomst zullen kunnen gebruiken. Nee, ik hou hier een vurig pleidooi om dingen te leren die wel zelfs morgen al kunnen toepassen.Uiteraard kunnen we niet letterlijk alle leerstof vanaf dag 1 gebruiken, maar er kan wel voor gezorgd worden dat de onderwerpen die aangesneden worden tenminste interessant zijn om te kennen. Die stof moet volgens mij sterk aanleunen bij de studierichting die je volgt, daardoor leunt het ook automatisch vaak bij je interesses aan. Klinkt een idee als ‘interessante en nuttige leerstof’ simpel en achterhaald? Misschien. Maar het is nog zeker niet de realiteit. Neem nu bijvoorbeeld biologie. We leren daar hoe een cel werkt en wat lysosomen zijn, maar voor een leerling die in een niet-wetenschappelijke richting zit is dit weinig tot niet interessant. Dan krijg je weer die standaard zin. De kans dat iemand mij later vraagt wat lysosomen zijn is dan ook heel klein. In China bestaat er het gezegde “Wanneer de wijze man naar de sterren wijst, kijken de idioten naar zijn vinger”. Door ons huidig onderwijs leren wij helaas nog te veel naar die vinger kijken. Ons onderwijs zou meer op de toepasbaarheid en interesses van leerlingen moeten werken, waardoor we uitgedaagd worden en gemotiveerd blijven. Dan zullen we pas in staat zijn om de sterren te zien. Want leerlingen zijn niet lui! Wij willen echt wel bijleren, maar dan moet er dringend iets veranderen. Beter onderwijs zorgt voor betere burgers, daarvan ben ik overtuigd.In dit korte filmpje lichten Ergys en enkele van zijn medeleerlingen het standpunt nog wat nader toe.

Onderwijsfestival in beeld

Voor wie graag nog eens terugblikt — letterlijk dan — op een geslaagd en rijkgeschakeerd Onderwijsfestival hebben we nog het volgende beeldmateriaal, met dank aan de Vlaamse Scholierenkoepel:- een kort maar wervelend YouTube-fiilmpje- een Facebook-pagina met een hele rist sprekende foto's

Onderwijshervorming zal afvallingsrace niet stoppen

Parijs-Roubaix, maar dan in etappes Wat? Een reflectiegroep van specialisten, generalisten, ­leerlingen uit de Vlaamse ­Scholierenkoepel en leraren moeten zich over de eindtermen buigen. Alles of niets: door het parcours van een leerling in één diploma samen te vatten, mag die niet van de weg afwijken. Daarom pleit GUIDO OOGHE voor een gepersonaliseerde diplomamap, met de behaalde eindtermen opgelijst. Dat maakt bijsturen makkelijker. Een van de voornaamste oorzaken van schoolmoeheid en schooluitval is ons alles-of-niets-diploma. Een moedige hervorming van het secundair onderwijs had dat een halt kunnen toeroepen. Maar de berg heeft een muis gebaard. De hervorming door de Vlaamse regering is een maat voor niets. Erger nog: zoals Ides Nicaise aangaf, dreigt deze niet-hervorming de structurele problemen in ons onderwijs niet op te lossen, maar zelfs te versterken (DS 30 mei) . Onder het mom van de ‘vrije’ keuze zullen ouders en leerlingen nog minder hun weg vinden in het kluwen van mogelijkheden. Het Parijs-Roubaix-model blijft overeind, schooluitval en schoolmoeheid zullen niet minder slachtoffers maken. Maar misschien kunnen we het tij nog keren met de lopende herziening van de eindtermen. Want een mogelijk antwoord op de ongelijkheid van onderwijskansen is het gepersonaliseerde diploma. Dat is een diploma met een bijvoegsel, een diplomacomplement waarin staat welke vaardigheden de leerling heeft bereikt en – indien hij of zij het diploma niet haalde – welke werkpunten er nog zijn. Als we de eindtermen als operationele doelen per graad formuleren, kunnen we aan ons alles-of-niets-diploma sleutelen. Laten we uitgaan van de juridische logica dat de eindtermen bepalend zijn voor het al dan niet slagen. Wie de eindtermen haalt, slaagt en krijgt op het einde van de rit het diploma. De extra doelen van de netten en de scholen zijn per definitie uitbreidingsdoelen. Die komen in het diplomacomplement terecht. Het diploma dat de leerling haalde op basis van de eindtermen, het diplomacomplement met de uitbreidingsdoelen van de netten en andere elementen uit het portfolio van de leerling vormen samen de ‘diplomamap’. Bij wie het diploma niet haalde, zit er in die map een getuigschrift met de eindtermen die leerling wel verworven heeft. Iemand die de school zonder diploma verlaat, kan dat later alsnog behalen door de resterende eindtermen te halen. Eerlijker en efficiënter Lesgeven en evalueren op basis van de eindtermen is eerlijker en efficiënter. Het levert extra hefbomen op om andere onderwijsproblemen te verhelpen. Achterstanden bijwerken kan veel gerichter als we precies weten welke eindterm(en) voor de leerling een obstakel vormen. Dat geldt ook bij zelfstudie en het werken met verbetersleutels. Idem voor herexamens en vakantietaken. Door uit te gaan van de eindtermen kunnen we leerlingen veel preciezer heroriënteren. Ook het tweedekansonderwijs en de examencommissie doen er hun voordeel mee. Het volstaat om na te gaan welke eindtermen de kandidaten nog niet verworven hebben en hen daarover te overhoren. Zo wordt levenslang en levensbreed leren een realistischer doelstelling. Langdurig zieke kinderen, leerlingen die buitengegooid zijn op school of in een time-out zitten, kunnen veel gemakkelijker worden geholpen als we weten welke eindtermen ze gemist hebben. Hetzelfde geldt voor migrantenkinderen, vluchtelingen en leerlingen uit de onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers. Ook kinderen met een leer- of ontwikkelingsprobleem, zoals dyslexie of autismespectrumstoornis, kunnen we meer op maat begeleiden met de eindtermen als gids. De nodige sticordi-maatregelen (stimuleren, compenseren, dispenseren) zijn veel makkelijker te nemen, omdat het duidelijker is welke compenserende hulpmiddelen leerlingen nodig hebben en voor welke eindtermen of opdrachten we hen eventueel kunnen vrijstellen (dispenseren). En ten slotte heeft deze aanpak ook voordelen voor de leraren. Projectwerk, groepswerk, geïntegreerde werkperiodes zijn allemaal gebaat bij goed afgelijnde eindtermen. Het maakt de vakwerking hanteerbaarder, net zoals team teaching en het werken in een duobaan, dankzij de duidelijke ijkpunten om het overleg te sturen of om samen toetsen op te maken. Gekneusde jongeren 2017 is voor Unesco het jaar van de accountability. Dan gaat het niet zozeer over de vraag of de centen voor onderwijs goed renderen, maar of ons onderwijs doet wat ervan verwacht wordt: jonge mensen opleiden tot verantwoordelijke, evenwichtige en tolerante leden van de maatschappij. En kwaliteitsvol onderwijs verstrekken aan iedereen op zo’n manier dat levenslang en levensbreed leren mogelijk wordt. Daarvoor zijn goed afgebakende, begrijpelijke en pedagogisch verantwoorde eindtermen nodig. Nu experten en politici aan de slag gaan met de eindtermen, is het van groot belang dat deze cruciale fase goed gemonitord wordt. Daarom pleit ik voor de oprichting van een reflectiegroep van specialisten en generalisten, aangevuld met leerlingen uit de Vlaamse Scholierenkoepel en leraren uit het veld. De belangrijkste taak van die werkgroep zou erin bestaan te waken over een aantal uitgangspunten. Worden de eindtermen niet te technisch of overladen? Zijn ze leesbaar, begrijpbaar, werkbaar en controleerbaar? Zijn ze geschikt om beter, rechtvaardiger en efficiënter te differentiëren en te evalueren? Werk aan de winkel dus, maar die is het waard. Al was het maar voor al die gekneusde jonge mensen die de helse afdaling van het watervalsysteem aan den lijve ondervonden hebben. Guido Ooghe is Pedagogisch medewerker Unesco Platform Vlaanderen.