Lees hieronder de blog van de 15-jarige scholier Tijs Keukeleire


De bel gaat, het lesuur voorbij. Van een les biologie naar een les aardrijkskunde. Je slentert door de gangen, op zoek naar het lokaal. Wanneer je de klas binnenstrompelt, begint de leerkracht met de les.
Maar wow, wat een verschil: van voortplanting bij bloemplanten naar de gevolgen van ontbossing in het Amazonewoud. Als de stuifmeelkorrels en de meeldraden net een beetje beginnen in te dringen, wordt je gekatapulteerd naar illegale houtkap en bedreigende stuwdammen.
En dat is raar. Dit zijn twee vakken die inhoudelijk sterk aan elkaar hangen, maar toch zo verschillend aanvoelen. Bovendien beide eenuursvakken, waardoor je na een week Frans, Nederlands en wiskunde al lang bent vergeten waarover we het de vorige les hadden. De leerkracht moet dan de leerlingen als het ware slepen naar het huidige lesonderwerp, waarover ze vaak veel al zijn vergeten. Tegen dat de leerlingen weer mee zijn met het onderwerp, is er al veel van de lestijd verloren.
De voortdurende verandering van lesonderwerpen is vermoeiend voor leerling én leerkracht. Het huidige systeem waarin elk vak een eigen microbiotoop is en elke les een ander verhaal vertelt, waarin elke leerkracht zich noodgedwongen asociaal opstelt en zich afsluit van de rest van de vakken, is verouderd. Het is een systeem dat niet meer past in deze complexe samenleving, een samenleving waarin alles samenhangt, waarin je niet elk onderwerp kan stoppen in één vakje, in één schoolvak. De hokjesmentaliteit in het onderwijs moet er uit.
Maar hoe doe je dat? Hoe slaag je erin om op een effectieve en doelbewuste manier samenhang tussen schoolvakken te creëren? Ik denk dat ik het antwoord heb.
Stel je voor dat er geen lesonderwerpen zijn, maar ‘dagonderwerpen’. Je stapt de school binnen, en werkt de hele dag rond hetzelfde onderwerp. In elke les wordt er een ander licht geworpen op het onderwerp, een andere uitdieping. Om een al te grote ommekeer te weerhouden wordt het systeem van verschillende leerkrachten voor verschillende vakken dus wel behouden.
Leerkrachten kunnen sowieso rekenen op actievere en geïnteresseerdere leerlingen, wat de lessen aangenamer maakt. Als scholieren helemaal kunnen opgaan in het onderwerp van die dag, en zo ook meer participeren in de lessen, is het logische gevolg dat hun resultaten hoger zullen liggen. Leerlingen worden dus opnieuw onderdeel van de les – ze zitten in de les, en zijn niet langer enkel bij de les.
Een voorbeeld van een dag onderwerp is de Big Bang. Op dezelfde dag kan dit onderwerp worden behandeld bij geschiedenis, chemie, fysica, biologie en godsdienst/zedenleer. Het spreekt voor zich op welk aspect van de oerknal elk vak zich toespitst.
Mijn voorstel gaat echter enkel op voor bepaalde vakken – zoals geschiedenis, fysica of chemie – maar hoe zit het dan met de rest? Taalvakken, bijvoorbeeld? Ook hier kan ik op inpikken. Een deel van de lesuren van taalvakken kan worden omgevormd tot lessen toegepaste taalkunde. Dat komt er dan op neer dat je tijdens andere vakken waarvoor het eerdere voorstel wel opging, een andere taal spreekt. Een les geschiedenis in het Engels is bijvoorbeeld perfect haalbaar. En als het dan nog eens over de geschiedenis van Engeland gaat sla je de nagel op de kop.
Heb jij ook een idee over hoe onderwijs eruit moet zien? Post je ideeën en commentaren op het platform!


bijna 2 jaar geleden - Team Onsonderwijs.be. uit Vlaanderen