Met deze bijdrage aan het debat rond de eindtermen wil Iedereen Leest het belang van leesplezier onder de aandacht brengen.

Zonder leesplezier, geen sterke leescultuur. Als referentieorganisatie rond lezen en leesbevordering wil Iedereen Leest het belang van leesplezier op de agenda plaatsen van beleidsmakers, directies en leerkrachten. Leesplezier verdient meer dan ooit een plaats in het onderwijs. De actuele maatschappelijke uitdagingen waarmee het onderwijs wordt geconfronteerd zijn groot en de superdiverse samenleving vraagt om nieuwe antwoorden. De urgente en noodzakelijke aandacht voor digitale vaardigheden en mediawijsheid mag onze aandacht voor leesvaardigheid als sleutelcompetentie niet afzwakken. Lezen en leesplezier blijven belangrijk in een interdisciplinaire multimediale beeldcultuur en spelen een rol in de strijd tegen laaggeletterdheid en het bevorderen van de meervoudige geletterdheid. Leesplezier schuiven we in dit debat dan ook naar voren als de sleutel tot een leesvaardige toekomst. Het schoolbreed inzetten op het aanleren van een positieve leesattitude en het blijven bestendigen van leesmotivatie doorheen de schooltijd is van lerensbelang én urgent.

GROEIKAPITAAL VOOR HET LEVEN

De resultaten van het PISA2009-onderzoek naar de leesvaardigheid van de Vlaamse 15-jarigen zijn veelzeggend: hoge score op goed lezen, maar een erg lage score op graag lezen. En dat is een ernstige zaak met grote gevolgen. Leesbevorderaars pleiten dan ook al jaren voor meer aandacht voor leesplezier. Wetenschappelijk onderzoek in binnen- en buitenland over o.a. leesattitude, leesmotivatie, afhaakgedrag en leesklimaat laat er geen twijfel over bestaan: op leesplezier moet maximaal en zonder voorbehoud worden ingezet, ook op school en in de klas. Het is tijdens de schooltijd dat er gesleuteld kan worden aan de leesmotivatie en -attitude. Kinderen die graag lezen, doen dat vaker en beter, en presteren beter op vlak van spelling, woordenschat en zelfs wiskunde. Dat wees een grootschalig onderzoek uit aan de University of London (blog Kris Van den Branden). Naast betere schoolresultaten heeft lezen een positieve impact op de sociaal-emotionele vaardigheden van kinderen en jongeren: ze leren kritisch denken, kunnen zich beter inleven in andere situaties, hun interculturele competenties worden aangescherpt en ze nemen die kennis mee in het echte leven. Meer empathie, daar wordt onze maatschappij zeker beter van. Ook op lange termijn zijn de effecten duidelijk. In zijn opiniestuk ‘Kansarmoede vraagt meer onderwijs, en niet minder’ verwijst Wouter Duyk (DS 5/3) naar een longitudinaal onderzoek waaruit blijkt dat betere lezers in hun latere leven een betere sociale status en positie op de arbeidsmarkt bekleden. 



Leerlingen leesplezier bijbrengen is hen dus groeikapitaal voor het leven geven. Naast ouders hebben leerkrachten een actieve en positieve rol te spelen in de leesopvoeding van kinderen en jongeren. De school kan ook die kinderen met minder bagage ondersteunen, hen de sleutels tot leesplezier aanreiken én hen verdere groeikansen als competente lezers bieden.

OP NAAR EEN LEESPLEZIERBELEID
Wat zou het kunnen betekenen als lezen voor plezier een plek in het curriculum zou hebben? Als leesplezier een verworven plaats krijgt in de dagelijkse onderwijs- en klaspraktijk? Als een krachtige leeromgeving ook een inspirerende leesomgeving is? Een leesplezierbeleid uitwerken op school biedt veel opportuniteiten: installeer leesrituelen, bouw leesroutines in en doorbreek de sfeer van ‘moeten lezen’. Dit heeft een bewezen gunstig effect op de motivatie en leesattitude van de leerlingen en op hun welzijn. Een stimulerende leescultuur op school beïnvloedt het lezen in de vrije tijd van jongeren en omgekeerd, meer vrijetijdslezen beïnvloedt de taalontwikkeling en de leesmotivatie op school. Dat is een duidelijke win-win. Leesplezier zien wij dus als een basispijler van een structureel en duurzaam leesbeleid op school.


Leesbevordering kan in het onderwijs in drie cruciale dimensies worden uitgebouwd: in de breedte (leerlingen aan het lezen krijgen), in de diepte (nadruk op kwaliteit van het lezen) en in de lengte (kansen geven tot levenslang goesting in lezen). Alle leerlingen hebben baat bij een kwalitatief leesonderwijs en praktijkvoorbeelden tonen aan dat een leesrijke schoolomgeving het verschil kan maken. Een positieve attitude ten aanzien van lezen tijdens de schooltijd verhoogt de kans om een blijvende belangstelling voor lezen over te houden in het volwassen leven. Geef leerlingen zin in lezen en maak van hen levenslange lezers. Ervoor zorgen dat mensen blijven lezen als ze de schoolbanken verlaten, is immers geen overbodige luxe. Integendeel. En het is ook geen vanzelfsprekendheid. Willen we bereiken dat leerlingen later goesting hebben om te lezen, dan moeten we hen tijdens hun schooltijd leesplezier leren ontdekken en leren vasthouden.

HET LEESVUUR BRANDEND HOUDEN

‘Zonder oefening stagneert en verdwijnt leesplezier’, aldus orthopedagoog Thijs Nielen in zijn pleidooi om actief en enthousiasmerend bezig te blijven met lezen tijdens de schooltijd. Het aanleren van een leesattitude is beslissend voor het latere vrijetijdslezen en het leesgedrag als volwassene. 
Leesplezier aanwakkeren alleen is dus niet genoeg, het leesvuur moet ook brandend gehouden worden. En hier ligt de grootste uitdaging. De aanvankelijke interesse in lezen bij de jongste lezers daalt bij het ouder worden en het is algemeen bekend dat de leesmotivatie in het secundair terugloopt en afhaakgedrag eerder regel dan uitzondering is. Als oorzaak wijst men op de concurrentie van het vrijetijdsaanbod, de opkomst van de sociale media, andere interesses e.a. Hoe erg het gesteld is met de ‘ontlezing’, daarover zijn de meningen verdeeld. De meest optimistische stemmen houden het erop dat er ‘niet minder maar anders’ wordt gelezen. En dat zou wel eens goed kunnen. Kritische stemmen opperen dat jongeren niet meer het geduld en de concentratie kunnen opbrengen om zich te laten meeslepen in verhalen, maar dat ze zappend en vluchtig lezen. Deze discussie is voer voor een ander debat. Het is in elk geval van belang dat lezen – in welke vorm dan ook -  niet gereduceerd mag worden tot een utilitaire verplichte relatie. We moeten lezen her-connecteren met persoonlijke verrijking, als bron van plezier. En daar valt nog veel terrein te winnen.

OOK BUITEN DE SCHOOL(M)UREN
De aandacht en tijd voor lezen wordt liefst niet opgesloten in het schoolvak Nederlands. Investeer in leestijd, ook buiten het vak Nederlands, zodat leerlingen zo veel mogelijk met lezen in contact kunnen komen. Gun leerlingen een boek naar keuze, draag een positieve beeldvorming uit rond lezen, schoolbreed. De aandacht voor een breed en gevarieerd aanbod van fictie, non-fictie, strip, poëzie, graphic novel, tijdschriften en kranten is wenselijk. Ook digitale media dienen we niet te schuwen bij de ontwikkeling van leesbeleving. Leesplezier bevorderen heeft ook alleen maar slaagkansen als er waardering is voor de interesses van de leerling en als hij voldoende kansen krijgt om zijn leesvoorkeuren te ontdekken en te verkennen. Redenen genoeg om leesbeleving en leesplezier in de leerplannen en in de eindtermen een prominente plaats te geven. Ook investeren in leerkrachten in opleiding is een must.  Door hun deskundigheid rond het werken met boeken in de klas te verhogen maak je hen sterker als leeskracht. En buiten de schoolmuren zijn er veel bondgenoten, zoals bibliotheken, boekhandels en tal van cultuureducatieve organisaties, die maar wat graag mee aan de kar willen trekken. In Vlaanderen hebben we ook het grote geluk om een schare van goede jeugdauteurs en straffe illustratoren in ons midden te hebben.  Zij brengen hun grote liefde voor lezen en boeken én het geloof in het belang van verhalen het hele jaar door naar scholen en bibliotheken. Naar aanleiding van de Jeugdboekenweek alleen al vinden er meer dan duizend auteurslezingen plaats. Auteurs en illustratoren zijn de beste leesplezier-ambassadeurs, zij kunnen vonken doen overslaan. Partnerorganisaties zoals het Vlaams Fonds voor de Letteren en CANON Cultuurcel voorzien met respectievelijk gesubsidieerde auteurslezingen (auteurslezingen.be) en dynamoprojecten (cultuurkuur.be) ondersteunende  en faciliterende instrumenten voor toeleiding en ontmoeting. Waarom dus aarzelen om in te zetten op een dagelijkse portie leesplezier op school?

Sihame El Kaouakibi, bezielster van Let’s Go Urban, sloot deze week in Gent de inspiratiedag Publiek16 af. Zij had het over de dromen, talenten, passies en ambities van de nieuwe generatie jongeren. En over de noodzaak aan change makers die jongeren in hun persoonlijke ontwikkeling en in hun eigenwaarde stimuleren. Cultuurorganisaties en jeugdwerk kunnen hen een duwtje geven en mee het verschil helpen maken. Het turning point, benadrukte ze, ligt echter in het onderwijs. Hier worden belangrijke sleutels voor de toekomst van jongeren aangereikt. En het is ook hier dat we de kiemen kunnen leggen om van hen levenslange lezers te maken. Leesbevorderende inspanningen van het onderwijs zijn nodig om een leesvaardige toekomst te verzekeren van de toekomstige student en volwassene, in zijn rol als ouder of misschien wel als leerkracht. Want daar wacht hen de rol als voor(lezer) als rolmodel, als doorgever van leesplezier aan de volgende generatie.

LEESPLEZIER VOOR ELKE LEERLING
In haar opiniestuk ‘Ontroering voor het aso, blingbling voor de rest’ bracht Ruth Lasters (DS 24/2) een warm pleidooi voor taalemotie en –plezier voor alle leerlingen: sluit geen toegangen af door de lat te laag te leggen voor leerlingen in beroepsrichtingen, maar zet in op maximale maatschappelijke toegang voor alle leerlingen en reik dus verder dan ‘functionele taalvaardigheid’. Gelijke kansen tot ontplooiing, alle leerlingen uitdagen en hen begeleiden in het verleggen van grenzen, daar moeten we op inzetten. Als maatschappij hebben we er dus alle belang bij dat jonge lezersharten worden veroverd. Het lezen van teksten en boeken scherpt ons beeldend,  talig en creatief vermogen aan. Hiermee kunnen we samen bouwen aan de maatschappij van morgen. Die leesplezier-verbintenis moeten we dus met z’n allen aangaan.

Als Iedereen Leest zijn we ervan overtuigd dat leesplezier de hefboom kan zijn voor een inspirerend verhaal over leesbevordering als middel om kansen te creëren. Meer inzetten op leesplezier zou de kloof tussen sterke en zwakke lezers kunnen verkleinen en het welbevinden van leerlingen kunnen verhogen. De school en de klas zijn belangrijke plekken waar de leesvaardigheid én de leesgoesting van alle kinderen en jongeren ontwikkeld en versterkt kunnen worden. Zodat ze daar later als volwassene de vruchten van kunnen plukken. Voluit gaan voor geoefend leesplezier voor een leven lang lezen, dat is een cadeau voor het leven. Lezen verrijkt een mensenleven én een maatschappij. Leesplezier bevorderen is dus allesbehalve vrijblijvend, het is bittere ernst.

Sylvie Dhaene
, namens Iedereen Leest

Iedereen Leest werkt in opdracht van het Vlaams Fonds voor de Letteren aan een breed gedragen beleidsdomein overschrijdend leesbevorderingsbeleid. Iedereen Leest maakt deel uit van het BoekenOverleg, het platform van relevante actoren (auteurs, uitgevers, bibliotheken, literaire organisaties, CANON Cultuurcel en de erfgoedsector) uit de boeken- en letterensector in Vlaanderen.

meer dan een jaar geleden - Sylvie Dhaene